Tot vijf jaar celstraf geëist tegen cocaïne transporteur

Geplaatst door

Wat een bonafide internationale transportonderneming uit Zeewolde moest lijken, is een florerend transportbedrijf in harddrugs (cocaïne) gebleken, dat jarenlang aan drugstransporten deed. Het Landelijk Parket van het Openbaar Ministerie (OM) eiste vandaag voor de rechtbank in Overijssel een gevangenisstraf van 5 jaar, een boete van 1.000 euro en de ontneming van 332.914.05 euro wederrechtelijk verkregen voordeel tegen de 50-jarige hoofdverdachte uit Zeewolde, directeur van het bedrijf. 

De strafeis tegen de 49-jarige levenspartner van de hoofdverdachte, die de administratie van het bedrijf voor haar rekening nam, luidt 5 maanden gevangenisstraf. Tegen twee chauffeurs (59 en 63 jaar) van het transportbedrijf eiste het OM 15 maanden gevangenisstraf. Een derde chauffeur die tevens mededirecteur is (43) hoorde het OM een geldboete van 450 euro tegen zich eisen voor het voorhanden hebben van een taser. De strafeis van het OM tegen het transportbedrijf bestaat uit een geldboete van 75.000 euro én een boete van 5.000 euro voor het niet voeren van een kasboek. Ook vindt het OM dat de ontneming van 332.914.05 euro wederrechtelijk verkregen voordeel op zijn plaats is.

Verdenking

De ten laste gelegde feiten verschillen per persoon. Echter, tegen allen luidt de verdenking dat zij op strafbare wijze een bijdrage hebben geleverd aan het internationaal vervoeren van cocaïne of het voorbereiden daarvan. Dekmantel voor de criminele activiteiten was het ogenschijnlijk bonafide transportbedrijf in Zeewolde. 

Volgens het OM hebben ook andere strafbare feiten plaatsgevonden. Te denken valt aan drugs- en wapenbezit en witwassen van crimineel geld, ruim 332.000 euro. Bij de aanhouding van verdachten op 31 oktober 2015 is beslag gelegd op stroomstootwapens en een Glock pistool met munitie evenals cocaïne en hennep. Daarnaast zijn grote hoeveelheden contant geld in beslag genomen, waaronder een bedrag van 42.000 euro in coupures van 20 en 50 eurobiljetten, die in een kledingkast van de hoofdverdachte is aangetroffen.

In de visie van het OM is wat alle betrokkenen in deze zaak bindt, dat geld hun drijfveer is, zelfverrijking. Het OM rekent het de hoofdverdachte bovendien extra aan dat hij anderen grote risico’s liet lopen, terwijl hij zelf buiten schot probeerde te blijven. Een paar maanden nadat zijn chauffeur in Engeland was gepakt, probeerde hij een drugstransport naar Portugal te regelen voor twee van zijn andere chauffeurs om wat extra’s te verdienen.

Start onderzoek

Aanleiding voor het strafrechtelijk onderzoek waarvan financieel onderzoek deel uitmaakt, was informatie van het Team Criminele Inlichtingen van zowel de politie als FIOD/Belastingdienst. Volgens die TCI-informatie, die tussen maart en juni 2015 is verstrekt, werd het transportbedrijf uit Zeewolde gebruikt voor internationale cocaïnetransporten naar onder meer Engeland en Scandinavië. De opbrengsten zouden onder meer geïnvesteerd worden in transportmiddelen voor het bedrijf. 

Op 23 juni 2015 hield de Britse politie in Engeland een Nederlandse vrachtwagenchauffeur aan die 12 kilo cocaïne verstopt had in zijn vrachtwagen. 

Op 2 juli 2015 is onder leiding van het Landelijk Parket het onderzoek onder de naam “Visser” gestart. Aanleiding was de verdenking dat sprake was van internationale handel in cocaïne die vervoerd zou worden met vrachtauto’s van de onderneming in Zeewolde.
Wat opviel, was dat de baas van dit transportbedrijf over zeer luxe goederen en sieraden beschikte, terwijl hij aan de fiscus opgaf dat hij een inkomen op bijstandsniveau had.

Tevens sprong in het oog dat het bedrijf was opgericht op het dieptepunt van de kredietcrisis. Anders dan concurrerende transportbedrijven die massaal failliet gingen, floreerde het bedrijf uit Zeewolde juist. De officieren van justitie vandaag: “Wat begon met één vrachtauto, breidde in drie jaar tijd flink uit. In 2015 bedroeg de jaaromzet bijna een miljoen euro. Dat is tegen de economische stroom van de jaren 2008 tot en met 2013 in.”

Grote contante geldbedragen, geen administratie

Uit financieel onderzoek is gebleken, dat er sprake was van contante betalingen van facturen e.d. uit naam van het bedrijf, dat er aanzienlijke bedragen in contanten voorhanden zijn geweest, op de bankrekening van het transportbedrijf gestort werden of als kasgeld aangewend zijn. En dat terwijl betrokkenen redelijkerwijs moesten vermoeden dat het geld uit misdrijf afkomstig was, zo meent het OM. 

Hoewel de Belastingwet het verplicht een gedegen administratie te voeren, ontbreekt de administratie of een kasboek bij de geldstromen gerelateerd aan de transportonderneming volledig. De geldstromen kunnen niet verantwoord worden (verdachten verklaren hierover ook niet of niet-samenhangend) en de herkomst van de gelden kan niet worden geduid.